In de pers
Vogelvrij

In Binnenkijken van vtwonen laten Barbara en Rens den Hollander het woonschip zien waarop ze met hun twee kinderen in het centrum van Amsterdam wonen: een schip van 25 meter met 140 vierkante meter woonruimte, waar soms een nieuwsgierige zwaan door het raam kijkt terwijl Barbara aan de eettafel werkt.
Een schip rond een gezin
Het stel liet de boot ontwerpen voor hun eigen manier van leven. Het casco werd vanuit Wormerveer gesleept, waar Woodies de indeling en de afwerking deed. De regels op de grachten bepaalden de grenzen, maximaal 25 meter lang en net iets meer dan vijf breed, dus elke centimeter werd gepland: een keuken van zeven meter, ontworpen door architect Wiebe Boonstra, schuifdeuren die de slaapkamers afsluiten, en een klimpaal in de woonkamer waar de kinderen dol op zijn.
Wonen op het water
Het artikel laat de mooie en de lastige kanten van het leven op de grachten zien: privacy en ruimte dicht bij de stad, maar ook de drukte op Koningsdag en tijdens de Canal Parade, en het onderhoud dat een stalen romp vraagt. Voor het gezin is de balans duidelijk: het comfort van een huis en de vrijheid van het water.
Welkom aan boord

De woonrubriek van Libelle stapt aan boord van de Holland VII, een voormalige haringlogger van rond 1911, afgemeerd in Amsterdam-Noord. De boot is een van de kamers van Asile Flottant, het drijvende hotel dat Esther Way en Huib Koel met zes verbouwde woonschepen runnen, naast hun winkel Woodies at Berlin.
Ruimte waar die er niet was
Waar de vangst vroeger via een luik het ruim in ging, ligt nu een woonkamer onder beloopbaar glas. Smalle kooien maakten plaats voor brede bedden en de oude machinekamer werd een moderne badkamer. Het artikel laat zien hoe schuine wanden werden benut voor inbouwbanken en bedden met opbergruimte, en hoe hangplanten een lage vloer groter laten voelen.
Rustig, met een duurzame twist
De wanden werden in één zacht wit geverfd zodat de natuurlijke materialen het interieur dragen: riet, jute, katoen en hout. Originele elementen zoals de oude kachel, katrollen en het ossenbloedrood bleven behouden, restafval van hout kreeg een nieuw leven, en het geheel heeft volgens het stel een Scandinavische touch. Way vat de rolverdeling eenvoudig samen: zij brengt de sfeer, Koel maakt het.
Hier werk ik!

In de rubriek Werkplek van vtwonen vertelt Esther Way hoe Woodies begon. In 2010 stopte ze met haar werk als shipping coordinator, kocht ze een voormalige kosterswoning in een Zaans dorp en kwam ze via haar zus bij Huib Koel terecht, eigenaar van een scheeps- en interieurbouwbedrijf. Ze gingen samenwerken, en het werk groeide van huizen naar boten, bedrijven en restaurants.
Een loods met een verleden
In 2012 vonden ze hun plek: een hal die de wasruimte was van de NDSM-werf, ooit een van de grootste scheepswerven ter wereld, die in 1984 failliet ging. Ze ruimden hem leeg, bouwden een verhoogde vloer en maakten van de voorkant een inspiration store, waar klanten aan de lange tafel een meubel of een heel interieur bespreken, tussen vintage vondsten, eigen meubels en werk van lokale makers.
Leven rond de werf
Het stuk gaat ook over het Kaap de Groene Hoop Festival dat Way en Koel op het NDSM-terrein begonnen, en sluit af met haar favoriete adressen in Amsterdam-Noord. De ideale plek, zoals ze het in het citaat zegt: aan het water en dicht bij het centrum.
Traditionele interieurs met een twist

Weekblad Schuttevaer stelt Woodies voor aan de maritieme sector via de twee mensen erachter: scheepstimmerman Huib Koel, wiens kracht materiaalkennis en techniek is, en styliste Esther Way, wiens talent de vormgeving is. Samen noemen ze hun werk traditioneel met een twist: interieurs die het schip respecteren, afgewerkt met een eigentijds oog.
Projecten met een verhaal
Het artikel loopt langs verschillende boten. Eilandje begon bij een tekening van een Zwitsers meisje, jaren later gebouwd als de boot die zij voor zich zag. The Iron Lady, een Kempenaar, hield in haar interieur het robuuste, roestige karakter van het voormalige vrachtschip. Flakkee, een luxe motor, en Svalbart, een voormalig onderzoeks- en passagiersschip, laten zien met hoeveel soorten rompen de werf werkt.
Hoe een bouw verloopt
Koel en Way leggen uit waarom flexibiliteit tijdens de bouw belangrijk is: een schip gedraagt zich zelden precies als de tekening, en eigenaren beslissen vaak pas meer als ze in de romp staan. Ze vertellen ook hoe ze met hun klanten een begroting maken, en hoe duurzaamheid, van warmtepompen tot zonnepanelen, in bijna elk project een rol speelt.
Bootwerkers

PS Wonen van Het Parool bezoekt de loods op de NDSM-werf waar scheepstimmerman Huib Koel en interieurstyliste Esther Way sinds 2012 woonboten verbouwen. Met een jong team meubelmakers, de meesten opgeleid aan het Hout- en Meubileringscollege, leveren ze ongeveer twee instapklare woonboten per negen maanden op, en ze maken bijna alles aan boord zelf, van de bank tot de keukenkastjes op maat.
Boten die reizen
Het artikel volgt boten die ver buiten Amsterdam terechtkwamen. Signe, gebouwd voor een producent van een Netflixserie, werd verscheept naar Kopenhagen, met een keuken die wegschuift. Eilandje ging naar Zürich, getekend naar een tekening die een meisje als kind maakte. Aan de steiger lagen tijdens het bezoek een klipper uit 1896 en een nieuwe tjalk voor fotograaf Kadir van Lohuizen, een hybride schip met een warmtepomp.
De vorm van een schip
Het citaat in de kop, dat mensen vierkante meters willen, vat de spanning samen waarin het stel werkt: eigenaren willen vaak een doos met een glazen dak, terwijl Koel en Way liever met de rondingen van punt en kont werken. Ze krijgen steeds meer vragen over duurzaamheid, en ze willen hun werkplaats verhuizen naar een oude GVB-pont die ze kochten, zodat het ambacht in de stad blijft, ook als de loods moet wijken.
Op de monumentale
NDSM-werf
Veelgestelde vragen
